Ultra Tour Monte Rosa
Begin september stond ik aan de start van iets wat voor mij compleet nieuw was: de Ultra Tour Monte Rosa stage race, kortweg UTMR. Vier dagen, 173 kilometer, 11.500 hoogtemeters. Niet in één ruk, maar in dagelijkse etappes van 36 tot 49 kilometer, door Zwitserland en Italië. En eerlijk: ik dacht vooraf vooral aan de afstand en de bergen. Maar wat me het meest is bijgebleven, zijn de inzichten die niet uit je GPX-bestand of Strava activiteiten op te maken zijn. Ik heb ze proberen samen te vatten in 4 lessen. Komen ze.
In deze stage race was dat echt een ander verhaal
1.Etappes: 4x starten en finishen
Thuis had ik netjes mijn voeding en kleding per dag klaar gelegd. Maar wat ik niet had voorzien: hoe het voelt om na een etappe door te moeten. Je komt over de finish, krijgt soep en applaus, en denkt: “Yes, klaar!” Alleen… de volgende ochtend om 6:30 sta je weer aan de start. En de dag erna weer. En dan nog eens. Dat ritme van herstellen, eten, spullen drogen, tas inpakken en weer gaan, vraagt net zo veel discipline als het lopen zelf.
2. Hoogtemeters: niet meer te tellen
In Nederland tellen we vaak onze hoogtemeters: “200 meter bij Amerongen, 300 in de Ardennen.” In deze stage race was dat echt een ander verhaal. Een klim van 1.500 meter aan het begin van etappe 2 doet niet alleen iets met je benen, maar ook met je hoofd. Het is eindeloos doorstappen, ritme zoeken, niet vergeten te eten, en… accepteren dat deze klim alleen al meer dan twee uur gaat duren. Kunnen we er maar beter van genieten, toch? Dus richtte ik vaker m’n ogen op de Alpine vergezichten dan op mijn horloge.
3. Voeding: wat eet je buiten de etappes om?
Voeding, bij ultra trails gaat het altijd maar over voeding! En ja hoor, kom ik ook weer met een les. Maar als FKT heldinnen Noor van der Veen en Tessa Caspers er ook over praten, zal er wel een kern van waarheid in zitten. Ik had mijn voedingsplan voor de etappes zelf wel scherp. Vooraf schatte ik in hoe lang ik onderweg zou zijn en op basis daarvan nam ik een aantal Näak Drink Mix en purees in mijn racevest mee.
Na elke finish was het een verrassing wat we aan eten zouden krijgen. De ene keer was het soep, de andere keer pizza. En ‘s avonds kregen we dan ook nog een pastamaaltijd. Fijn, maar na vier dagen met nauwelijks groenten of fruit begon mijn lijf te sputteren. Mijn immuunsysteem kreeg een tik, en ik voelde me direct na de laatste etappe al grieperig. Denk dus niet alleen aan race fuel, maar ook aan herstelvoeding tussen de etappes in. Een tas met verschillend fruit en snackgroenten in je duffelbag kunnen wonderen doen. Lang trailen is al belastend genoeg, je kunt je lichaam beter helpen dan ik deed.
4. Downtime: sneller ontspannen, sneller herstellen
Zo lang rennen is fysieke stress voor je lijf. Op zich niks mis mee, want dankzij je sympathische systeem kan het dat prima aan. Maar herstellen doe je met je parasympathische systeem. En dat vraagt… rust. Na elke finish is het dus de kunst om zo snel mogelijk tot kalmte te komen. Hoe sneller je terugschakelt naar je parasympathische systeem, hoe beter je herstelt.
Daar had ik me op verkeken. Ondanks wat ademoefeningen bleef ik lang in een te actieve modus. Spullen klaarleggen, racevest opnieuw inpakken, softflasks omspoelen, voeding sorteren, napraten met je kamergenoten, en voor je het weet is het middernacht. Mijn downtime was te kort en daardoor sliep ik pas laat in. Dat telt op. De volgende keer zorg ik dus voor een downtime-routine, zodat ik wat sneller tot rust kom.
5. Tot slot: praktisch en willekeurig
- Maak elke avond even je running poles schoon. Door opgedroogd zweet gaan ze anders stroever in- en uit elkaar;
- Neem elke ochtend een O.R.S., zodat je iedere etappe start met opgetopte mineralenvoorraden.
- Pak je duffelbag in met militaire discipline. De vermoeidheid stapelt zich op en je wilt je spullen blind kunnen vinden. Verdelen in aparte tassen werkt top.
- Zet je wekker eerder dan nodig. De stress van haasten in de ochtend kost meer energie dan dat die 10 minuten extra slaap opleveren.
- Drink je koffie in de ochtend? Doe het zo snel mogelijk. Dan ben je die grote boodschap nog kwijt in het hotel en skip je de lange rij voor die ene Dixie bij de start. Scheelt een hoop onrust!
Uiteindelijk gaat het er niet om hoe ver of hoe hoog je gaat, maar of je onderweg genoeg ruimte hebt om te genieten
En wat heb jij eraan?
Misschien loop jij geen vierdaagse Alpine ultra, maar deze lessen zijn net zo goed toepasbaar dichter bij huis. Of het nu een trail in de Ardennen is, een marathon op de weg of gewoon je wekelijkse lange duurloop: denk vooruit, zorg voor variatie in voeding, maak tijd voor herstel en neem je praktische routines serieus. Uiteindelijk gaat het er niet om hoe ver of hoe hoog je gaat, maar of je onderweg genoeg ruimte hebt om te genieten. Tot gauw bij een van de Trail Events!
Wil jij ooit een ultra lopen?
Ben jij geïnspireerd door het verhaal van Thomas en wil jij ook een ultra lopen? Elk laatste weekend van de maand organiseren wij een ultra van 50 kilometer of meer – speciaal voor avontuurlijke lopers zoals jij.
Begin jouw ultra-avontuur op de mooiste trails van Nederland. Wie weet sta jij in 2025 of 2026 aan de start van je allereerste ultra!
Neem een kijkje op onze Trail Events kalender om te zien welke ultra binnen jouw planning past.